Waarom?

De uitdaging

In Parijs (2015) zijn voor het eerst echt vergaande en duidelijke grenzen gesteld aan de mondiale CO2- uitstoot. We moeten echt alles op alles zetten om er voor te zorgen dat de opwarming van de aarde beperkt blijft tot 1,5 graden ten opzichte van het pre-industriële tijdperk. Het Parijs-akkoord betekent voor Nederland een halvering van de CO2-uitstoot in 2030. Voor 2050 betekent dit zelfs dat de CO2 -uitstoot teruggebracht is naar bijna nul. Een ongekende opgave.

 De uitkomsten van het Parijs-akkoord zijn in Nederland vertaald in het nationale Klimaatakkoord. Dat is het raamwerk waarin alle acties en inspanningen nu samenkomen. Niet alle voorstellen en maatregelen zijn al voldoende uitgekristalliseerd. Daaraan wordt nu gewerkt, ook op provinciaal en gemeentelijk niveau. De energietransitie, de grootste verbouwing van Nederland sinds de Tweede Wereldoorlog, is op gang gekomen.

 De gevolgen voor burgers en bedrijven worden stapsgewijs duidelijker. Tegenover ervaren bedreigingen staan kansen en nieuwe mogelijkheden. Dat is altijd zo als een verouderd systeem plaats moet maken voor iets nieuws. De oplossingen uit het verleden werken niet meer. Dat geeft aan de ene kant onzekerheid, maar opent ook nieuwe horizonten. Het moet, om de aarde leefbaar te houden voor toekomstige generaties. Het kan, als we de grenzen erkennen, ons vernuft inzetten en bereid zijn de beschikbare ruimte en bronnen eerlijker te verdelen.

 Klimaatbeleid is ‘work in progress’. Het debat staat niet stil en ontwikkelt zich voortdurend. Dat is ook nodig, want er zijn onderwerpen blijven liggen die nog om aandacht vragen. Voorbeelden hiervan zijn de uitstoot van de luchtvaart en de beprijzing van CO2-uitstoot. Komt er bijvoorbeeld een heffing op CO2-uitstoot? En voor wie? Hoe gaat die er uit zien? Wat wordt de prijs van het recht om CO2-uit te stoten?

 CO2-neutrale bedrijfsvoering

Bedrijven, overheidsinstellingen, maatschappelijke organisatie en burgers spelen in op deze ontwikkelingen en nemen hun verantwoordelijkheid. Sommigen lopen hierbij - uit overtuiging - voorop, anderen hebben een duwtje in de rug nodig. Soms gaat het vrijwillig, een andere keer moet het afgedwongen worden.

De stip aan de horizon - en die komt heel snel dichterbij - is een ‘CO2-vrije’, ‘energie-neutrale’ of klimaat-neutrale’ bedrijfsvoering. Is dat haalbaar voor een bedrijf, voor een gemeentelijke organisatie, een groot evenement of zelfs individuele huishoudens? Wij denken dat elke stap in de goede richting waardevol is. Gerichte en praktische toepassing van de ‘trias energetica’ (beperk je energievraag zo veel mogelijk, wek je energie duurzaam op, gebruik fossiele bronnen zo efficiënt mogelijk) geeft richting aan een simpel stappenplan.

Helemaal CO2-vrij is vaak nog niet mogelijk. Een belangrijk deel van de energie-inzet in bedrijven en organisaties is nog fossiel, al was het alleen maar omdat de duurzame energiebronnen nog maar in een beperkt deel in onze energiebehoefte kunnen voorzien. Het ‘vergroenen’ van grijze energie (van fossiel gestookte centrales, aardgas of voertuigbrandstoffen) komt veelal neer op een boekhoudkundige goocheltruc. Een truc die nog steeds breed wordt toegepast, bijvoorbeeld met kopen van zogenaamde  Garanties van Oorsprong (GvO’s) en CO2-credits uit buitenlandse projecten.

Dit soort systemen zijn ontwikkeld om een bijdrage te leveren aan het terugdringen van CO2-uitstoot. Maar ze werken niet zelden averechts of worden verkeerd gebruikt. ‘Vergroenen’ komt daarbij aardig in de buurt van ‘witwassen’. Een ongewenste praktijk. Het draagt in ieder geval niets bij aan de noodzakelijke energietransitie.

We hebben nog geen megastofzuiger die CO2-uit de atmosfeer kan halen. Zolang je fossiele energie gebruikt (of spullen koopt die met fossiele energie gemaakt zijn), komt er ergens CO2 vrij. Die CO2 komt in de atmosfeer en draagt bij aan de opwarming. Dat effect is langdurig en draagt bij aan het bereiken van de kritische 1,5 of 2 gradengrens uit het Parijs-akkoord.

Hoe past ‘CO2-compensatie’ in dit plaatje?

Er zijn geen gemakkelijke oplossingen voor complexe problemen. Het Zeeuws Klimaatfonds is zo’n tien jaar geleden ontstaan om een bijdrage te leveren aan de energietransitie in Zeeland. Eén van de lijntjes is die van de vrijwillige ‘CO2-compensatie’ met projecten in eigen regio. Daarmee biedt het fonds een alternatief voor veel toegepaste andere CO2-compensatiemethoden, waaraan in onze visie veel op valt af te dingen.

Wij vinden het ongeloofwaardig dat de CO2-uitstoot van vliegreizen voor een paar euro ‘volledig’ gecompenseerd kan worden. Of dat de CO2-uitstoot van (aard)gas gecompenseerd kan worden met CO2-credits van minder dan drie euro. Of dat het klimaateffect van de CO2-uitstoot van één liter Euro95 of diesel door de oliemaatschappij voor één cent teniet gedaan kan worden. Dat is te mooi om waar te zijn en dat is het ook; het komt dicht in de buurt van misleiding.

De term ‘CO2-compensatie’ is daarmee beladen geworden. Toch gebruiken ook wij deze term nog, omdat deze inmiddels is ingeburgerd, en we nog geen pakkend alternatief hebben. Voorlopig hebben we het liever over ‘gedeeltelijk CO2-compensatie’.

Onze aanpak

Bedrijven, overheidsinstellingen en andere partijen kunnen hun (resterende en moeilijk vermijdbare) CO2-uitstoot via het Zeeuws Klimaatfonds ‘gedeeltelijk compenseren’. Daarvoor dragen ze € 25 per ton CO2 bij aan het fonds. (Er zijn verschillende CO2-culculators beschikbaar om de CO2-footprint van elk bedrijf of organisatie te bepalen).

Met het geld uit het fonds maken we projecten in Zeeland mogelijk die anders niet of moeilijk van de grond komen. Dat zijn duurzame energie- en andere transitieprojecten die uitstoot van CO2 vermijden of voorkomen. In die zin is er altijd winst voor het klimaat en wordt de opwarming vertraagd.

Bij de keuze van deze projecten gaan we zeer selectief te werk. Er moet sprake zijn van ‘additionaliteit’. Met andere woorden; de projecten zijn additioneel en zouden zonder de steun van het fonds niet of pas veel later tot stand komen. Ook projecten die al steun van de overheid krijgen (bv via SDE+ of ISDE) komen niet in aanmerking voor steun van het fonds. Dit is om ‘dubbeltelling’ van CO2-winst te voorkomen.

Voor de projecten die met steun van het fonds tot stand komen, berekenen we wel de vermeden CO2 uitstoot. De hoogte van de bijdrage van het fonds wordt hierop gebaseerd. (Maximaal € 20 per ton vermeden CO2).

Green Deal Nationale Koolstofmarkt

Het Zeeuws Klimaatfonds is deelnemer aan de Green Deal Nationale Koolstofmarkt. Hierin werken een aantal partijen samen aan de totstandkoming van een markt voor CO2-compensatieprojecten binnen Nederland (Domestic Offset). In dit kader worden nieuwe afspraken gemaakt voor methoden en projecttypen om in Nederland CO2 te compenseren. Lees verder..

Ten slotte: de prijs van CO2

Wat is de prijs van CO2? Deze vraag is op verschillende manieren te benaderen. Dat leidt op dit moment tot zeer uiteenlopende antwoorden en prijskaartjes. Aan de ene kant van het spectrum gaat om het benaderen van de maatschappijen kosten van de uitstoot van één ton CO2. Een groeiend aantal studies, dat een inschatting probeert te maken van de totale impact van de gevolgen voor mens, aarde en maatschappij, komt in de richting van rond € 500 per ton (en hoger).

Aan de andere kant betalen vliegtuigpassagiers en bijvoorbeeld gemeenten minder dan één euro om de CO2-uitstoot van kerosine of aardgas te ‘compenseren’. Daartussenin zitten CO2 emissiehandelssystemen als het ETS op een niveau van 20-25 euro voor het recht om een ton CO2 uit te stoten.

De hoge maatschappelijk kosten (en de onderbouwing daarvan) weerspiegelen in ieder geval de noodzaak om de CO2-uitstoot zo snel mogelijk zo fors mogelijk te beperken. De bodemprijs voor CO2-compensatie geeft aan dat we ook nog steeds op zoek zijn naar goedkope uitvluchten (om aan werkelijk noodzakelijke maatregelen te ontkomen).

Realistische en eerlijke beprijzing van de CO2-uitstoot is wellicht met afstand de beste basis voor een duurzaam klimaatbeleid.

Lees meer meer over klimaatcompensatie op Milieucentraal

 
 
DSC00687.jpg